„En toen Het het zevende zegel geopend had..." Wie bedoelt Johannes in het eerste vers van Openbaring 8? Hoofdstuk 5 werpt daarop het volle licht. In een visioen ziet de apostel, dat er in de rechterhand van God een boekrol ligt. Uit het vervolg - Openbaring 6-22 - wordt duidelijk, dat deze rol h ...